{"id":1215791,"magazine_id":118309,"template_id":30,"title":"Sociale robots: waar staan we?","alias":"sociale-communicerende-robots","page_no":15,"meta_keywords":null,"meta_description":null,"share_url":null,"options":{"has_disabled_header":false,"exclude_from_navigationbar":false,"share_url":null},"header":null,"content":{"background":{"filename":"ral7035_licht_grijs.34fcc669843c.jpg","uri":"\/images\/ral7035_licht_grijs.34fcc669843c.jpg","alt":null,"filemime":"image\/jpeg","filesize":49972,"width":1772,"height":1772},"nav_type":"bars","rows":[{"row_type":1,"text_image":[{"title":null,"subtitle":"Sociale communicerende robots","description":"<p><em>Piek Vossen<\/em><\/p><p><br><\/p><p>Onze wereld zal radicaal veranderen als robots hun intrede doen als medeburger. Ook al zullen de vaardigheden in het begin beperkt zijn, de impact op onze samenleving zal enorm zijn. Dingen die zich vrij bewegen en beslissingen nemen onafhankelijk van jou, maar wel jouw eigendom zijn en misschien wel jouw verantwoordelijkheid! Als een soort van medeburger is het belangrijk dat die robots sociaal gedrag vertonen. Sociale robots moeten aangepast zijn aan onze wereld, onze cultuur en conventie. Een belangrijk onderdeel daarvan is de mogelijkheid om met ons te kunnen communiceren. Wiens robot ben jij? Waarom ben je hier? Kan ik je ergens mee helpen? Wil je mij helpen?<a href=\"#\" onclick=\"Magazine.overlay.show('260949'); return false;\" rel=\"noopener noreferrer\" target=\"_blank\"><sup><span style=\"color: #414141;\">1<\/span><\/sup><\/a><\/p><p><br><\/p><p><em>Gemiddelde leestijd: 11 minuten<\/em><\/p>","image":{"settings":{"position":"top right"},"filename":"pepper_nieuw.bf08758af675.jpg","uri":"\/images\/pepper_nieuw.bf08758af675.jpg","alt":null,"filemime":"image\/jpeg","filesize":163456,"width":1920,"height":1413},"content_position":"0","style":{"background_title":["background: rgb(191,42,42);","background: rgba(191,42,42,1);"],"title":["color: rgb(255,255,255);","color: rgba(255,255,255,1);","font-size: 15px;"],"subtitle":["color: rgb(65,127,171);","color: rgba(65,127,171,1);","font-size: 30px;","font-family: 'Times New Roman', Times; font-weight: normal;"]}}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p>Naast dergelijk basale sociale functies zou zo\u2019n robot ook een sociaal maatje kunnen zijn. Communiceren om te communiceren. Een stem horen. Aandacht geven en krijgen. Meedenken, overleggen. Iets opzoeken, uitleggen. Dat zou nog verder kunnen gaan: een gesprek voeren over hoe je je voelt, proberen je te betrekken bij je leefomgeving (medebewoners) maar ook bij je sociale omgeving (familie, vrienden van nu en vroeger). Daarbij zou een robot zowel, op discrete wijze, de activiteiten van de omgeving en vrienden en familie kunnen volgen en jou daar van op de hoogte kunnen stellen als je eventueel in contact brengen (medi\u00ebren). Daarnaast zou een maatje ook allerlei praktische functies kunnen vervullen: bijsluiters lezen, iets opzoeken op het internet, je iets vertellen over een tv of radioprogramma, welke vogel welk geluid maakt, het opzoeken van een gebruiksaanwijzing, uitzoeken hoe iets werkt, iets bestellen op het internet, contact opnemen met instanties, etc.<\/p><p>&nbsp;<\/p><p>De functies zijn legio en veel is er niet nodig om een gevoel van verbondenheid op te roepen. Oog in oog met een robot kun je niet anders dan proberen contact te maken, nieuwsgierig als we zijn naar wat het kan en wat het is. Zeker als de robot ontworpen is om zich met gebaren en oogcontact te richten op mensen. Mensen zijn sociale wezens en hebben sterk de neiging om zichzelf te projecteren op de omgeving. Twee stippen op vijf centimeter afstand vormen al een gezicht, een menselijke stem horen en begrijpen we te midden van een cocktail van geluid of zelfs lawaai. We zien mensen in poppen, huisdieren en teddyberen. Er zijn volwassenen die een relatie hebben met een virtueel mens dat ze ontmoeten op een datingsite en nog nooit in levende lijve gezien hebben. We zijn makkelijk om de tuin te leiden, juist omdat we een enorme honger hebben naar sociaal contact.<\/p><p><br><\/p><p>Hoe moeilijk kan het dan zijn om een sociale robot te bouwen, een buddy die iemand kan helpen in thuissituaties en eenzaamheid kan verlichten? Wat is ervoor nodig en waarom zijn ze er nog niet?<\/p><p><br><\/p><p>Bedrijven zoals Google (Home), Apple (Siri) en Amazon (Alexa) laten ons praten met onze apparaten, onze agenda en het web. Het geven van een eenvoudig commando of een zoekopdracht is echter niet hetzelfde als sociaal contact. Bovendien gaat het vaak ook nog verkeerd. De zogenaamde Artifici\u00eble Intelligentie (AI) in die software is getraind met Big Data (miljoenen objecten, teksten en spraakfragmenten) en dat laat zich niet altijd even makkelijk vertalen naar een persoonlijk contact en een persoonlijke situatie. De technologie is dus nog niet zover dat je er een gezellig gesprek mee kan voeren.<\/p>","columns":"0","style":null}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p style=\"text-align: center;\"><strong><em>\"We zijn makkelijk om de tuin te leiden, juist omdat we een enorme honger hebben naar sociaal contact\"<\/em><\/strong><\/p>","columns":"0","style":{"paragraph":["color: rgb(76,117,147);","color: rgba(76,117,147,1);","font-size: 20px;"]}}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p>Laten we op een rijtje zetten wat men daarvoor nodig heeft. Ten eerste zal die robot moeten weten dat iemand spreekt, vervolgens wat iemand zegt door middel van spraakherkenning van voldoende kwaliteit. Daarbij moet rekening gehouden worden met accenten, slechte articulaties en eventueel laag volume. Omgekeerd moet de robot zelf duidelijk en langzaam spreken met de juiste intonatie. Ten tweede moet de robot belangrijke personen herkennen (jijzelf, je sociale omgeving) aan de hand van gezicht, stem en naam. Het herkennen van namen is niet triviaal en als het misgaat, hebben we het over de verkeerde persoon. Aangezien de communicatie plaatsvindt in een omgeving is het belangrijk &nbsp;die ook te herkennen. Dat begint bij de plaats: de naam van het gebouw waarin we ons bevinden, je kamer, je huis, straat die je sociale omgeving bepaalt. Gegeven een plaats wordt het mogelijk om ook de voorwerpen in die ruimte te herkennen, zowel persoonlijke (jouw stoel, telefoon, jas) als niet-persoonlijke voorwerpen (de kast, de tafel). Het herkennen van een ruimte en de voorwerpen gaan hand in hand. Gegeven een ruimte kan de robot bepalen welke voorwerpen er zijn, maar aan de hand van de voorwerpen (jouw stoel) bepaalt de robot ook in welke ruimte die zich waarschijnlijk bevindt (jouw kamer).<\/p><p><br><\/p><p>Naast deze herkenning van een situatie is het belangrijk om te weten wie je bent: waar je vandaan komt, waar je gewoond hebt, je (voormalige) werk, je familie, je vrienden, wat je leuk vindt, wat niet, mentale en fysieke conditie, enzovoorts. Dat is niet alleen een kwestie van het inwinnen van informatie, waarvoor de robot met jou moet communiceren, maar ook begrijpen hoe je je voelt (stem, gezicht, taal) en misschien zelfs waarom. Ten slotte moet een sociale robot weten hoe je dag eruit ziet, wat je agenda is voor de komende tijd en waarom die dingen moeten gebeuren.<\/p><p><br><\/p><p>Daarbij komt nog algemene kennis van de wereld en mensen: hoe verloopt een leven, hoe zit onze maatschappij in elkaar, wat hoort bij onze cultuur en wat bij die van jou, alles omtrent gezondheid, zorg en mentaal welzijn. Kennis van basale zaken: wat zijn dieren, planten, apparaten, gebouwen, beroepen, scholen, activiteiten, hobbies, religie, emoties, pijn, sexualiteit, hoe lang slapen mensen, hoe lang drink je koffie, eet je een boterham, duurt een vergadering, wat is gevaarlijk, hoe schat je risico\u2019s in, etc. Daarbij komen dan ook nog algemene vermogens zoals taal begrijpen en genereren, herkennen van objecten, handelingen, dieren, voertuigen, mensen.<\/p><p><br><\/p><p>Let op! We hebben het hier over een sociale robot waarmee je praat, niet een robot die vrij rondrijdt en zelfstandig allerlei handelingen verricht (bijvoorbeeld opruimen of sleutels zoeken). In dat laatste geval kunnen we het lijstje nog flink uitbreiden over kunnen omgaan met de fysieke ruimte. En dan hebben we het nog niet eens gehad over ethiek en privacy.<\/p><p>&nbsp;<\/p><p>Hoe komt een robot aan al die kennis en informatie? Hoe voorkom je fouten, conflicten, ongewenst en onethisch gedrag? Naar deze en andere aspecten wordt onderzoek gedaan, maar er is nog veel werk aan de winkel om die resultaten ook bij elkaar te integreren en naar behoren te laten werken in een realistische situatie. Hoe voorkom je dat fouten zich opstapelen in al deze complexe stappen? Als er in \u00e9\u00e9n module een fout wordt gemaakt, hoe voorkom je dan dat andere modules daar niet onder lijden? Bijvoorbeeld het verkeerd herkennen van iemands gezicht (als het donker is) kan er toe leiden dat informatie aan de verkeerde persoon wordt toegekend, wat weer kan leiden tot andere misverstanden.<\/p><p><br><\/p><p><strong>De feilbare robot<\/strong><\/p><p>Uitgangspunt moet zijn dat robots nooit perfect zullen zijn, omdat niemand alle situaties kan voorzien. Het perfecte script voor alle situaties bestaat niet. Mensen maken fouten, maar robots ook. Robots moeten dus zo ontworpen worden dat fouten niet fataal zijn, maar herstelbaar. Mensen moeten kunnen uitleggen dat er iets misgaat, wat er misgaat en waarom. Ook robots moeten kunnen uitleggen waarom ze iets doen of willen doen. Mensen en robots moeten samen kunnen overleggen over hoe een probleem moet worden opgelost. Dit vraagt om communicatie: communicatie in menselijke taal om te <em>debuggen&nbsp;<\/em>en niet in een programmeertaal zoals Python, die alleen technici beheersen.<\/p>","columns":"0","style":null}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p style=\"text-align: center;\"><strong><em>\"Uitgangspunt moet zijn dat robots nooit perfect zullen zijn, omdat niemand alle situaties kan voorzien\"<\/em><\/strong><\/p>","columns":"0","style":{"paragraph":["color: rgb(65,127,171);","color: rgba(65,127,171,1);","font-size: 20px;"]}}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p>Robots en mensen die samen door het leven gaan en samenwerken: dit concept wordt hybride intelligentie<a href=\"#\" onclick=\"Magazine.overlay.show('169287'); return false;\" rel=\"noopener noreferrer\" target=\"_blank\"><sup><span style=\"color: #414141;\">2<\/span><\/sup><\/a> genoemd. Volgens dit concept worden mensen niet vervangen, maar vullen mensen en intelligente systemen elkaar aan. Ze onderhandelen, werken samen, kennen elkaars zwaktes en sterktes.<\/p><p><br><\/p><p>In de rest van dit artikel zal ik beschrijven hoe robots redelijk snel en zonder veel risico toch kunnen worden ingezet als een sociaal maatje volgens dit Hybride Intelligentie-concept. Communicatie in natuurlijke taal is daarbij essentieel.<\/p><p><br><\/p><p><strong>Communicatie om te leren en uit te leggen<\/strong><\/p><p><br><\/p><p>Robots nemen de wereld anders waar dan mensen. Objectherkenning is bijvoorbeeld beperkt tot tot hooguit duizend soorten voorwerpen, waarbij geen onderscheid gemaakt wordt tussen jouw bril en mijn bril. Robots zien dus heel veel niet, en wat ze zien kunnen ze moeilijk uit elkaar houden. Het is daarom belangrijk om te communiceren op een transparante manier om misverstanden te voorkomen. Juist omdat mensen het idee hebben dat robots op mensen lijken, moet een robot in staat zijn om miscommunicatie te herkennen.&nbsp;<\/p><p><br><\/p><p>Een robot moet wel een grof idee hebben hoe mensen de wereld zien: wat vinden ze belangrijk (telefoons) en wat niet (muren), wat zien ze wel en wat kunnen ze niet waarnemen (bijvoorbeeld infrarood). Vervolgens kan de robot rekening houden met eventuele verschillen in de communicatie over de omgeving. Als de robot een ijskast of een klok ziet maar een mens niet, dan moet de robot uitgaan van de werkelijkheid van de mens, tenzij de robot redenen heeft om het oordeel van die mens te wantrouwen. Dat laatste is bijvoorbeeld het geval wanneer andere mensen het met deze persoon oneens zijn of iemand die zichzelf tegenspreekt.<br><br><\/p><p>Robots kunnen niet alles weten. We kunnen heel veel kennis in een robot stoppen, maar het zal nooit genoeg zijn: en er is geen garantie dat de robot weet wanneer welke kennis gebruikt moet worden. Bovendien moet kennis snel kunnen worden toegepast. We kunnen niet minuten wachten tot een robot alle opties heeft gecheckt voor we een antwoord krijgen. Kennis moet dus worden opgedaan wanneer nodig en die kennis moet op maat worden gesneden voor ieders persoonlijke situatie. Volgens het principe van Hybride Intelligentie kan een robot de mensen om haar heen vragen stellen om gaten in kennis op te vullen. Die gaten betreffen niet alleen wat je leuk vindt of wie je familie is, maar ook meer abstracte kennis zoals wat een huisdier is en wat je kunt doen met een televisie.<\/p><p><br><\/p><p>Door het opbouwen van een persoonlijke relatie met een robot, kan die robot weten welke kennis en informatie jij met haar deelt: waar hebben jullie het eerder over gehad en wat hoeven we niet opnieuw te vragen? Als je een keer hebt uitgelegd wie je zus is en dat je er maar \u00e9\u00e9n hebt, dan kunnen jullie het vanaf dat moment over die zus hebben zonder dit opnieuw te moeten leggen. Het opdoen van kennis en het gebruiken van kennis kan zo worden gefocust op de persoonlijke relatie. Deze gedeelde kennis helpt de communicatie tussen een mens en zijn\/haar robot, die hierdoor korter en bondiger kan zijn.<\/p>","columns":"0","style":null}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p style=\"text-align: center;\"><strong><em>\"Juist omdat mensen het idee hebben dat robots op mensen lijken, moet een robot in staat zijn om miscommunicatie te herkennen\"<\/em><\/strong><\/p>","columns":"0","style":{"paragraph":["color: rgb(65,127,171);","color: rgba(65,127,171,1);","font-size: 20px;"]}}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p>Machines moeten veel leren over de wereld, maar ook over ons: de mensen aan wie ze dienstbaar zijn. Door middel van communicatie en feedback in natuurlijke taal leert de robot snel van mensen, zoals ook kinderen niet alleen leren van ervaringen maar ook door abstracte instructies in de taal die we gebruiken. Door taal leert een robot ook haar menselijke partners kennen: wie zijn wij, wat doen wij, waar houden we van en waarvan niet? Het is makkelijker communiceren met een bekende van wie je de achtergrond kent en met wie je een verleden deelt, dan met een vreemde. Samenwerken met een robot die je begrijpt, je emoties herkent en die voor je open staat is veel prettiger en aangenamer.<br><br><\/p><p><strong>De robot Leolani<\/strong><\/p><p><br><\/p><p>Om aan bovenstaande eisen te voldoen is een robotmodel ontworpen dat communicatie in taal gebruikt om de wereld om haar heen te interpreteren en het resultaat op te slaan in een zogenaamd brein. Deze robot heet Leolani, wat <em>heavenly voice<\/em> betekent in het Hawa\u00efaans.<a href=\"#\" onclick=\"Magazine.overlay.show('169287'); return false;\" rel=\"noopener noreferrer\" target=\"_blank\"><sup><span style=\"color: #414141;\">3<\/span><\/sup><\/a><\/p><p><br><\/p><p>Leolani leert door communicatie en slaat alles op in haar brein (ze vergeet nooit iets!). Haar brein is zo ontworpen dat ze onthoudt wie wat wanneer gezegd heeft. Op die manier kan ze niet alleen afleiden wie eigenschappen met elkaar delen, maar ook wie dezelfde mening hebben of juist niet, en welke informatie in tegenspraak is en van wie die afkomstig is. Op die manier kan de robot ook bepalen wie er meer te vertrouwen zijn en wie minder. Dit kan belangrijk zijn als jij beweert dat je je medicatie al genomen hebt en je buurman zegt van niet, of als er volgens jou niemand langs is geweest terwijl je zus zegt dat ze er vanmorgen nog was. We maken hierbij gebruik van het concept van een <em>theory of mind<\/em>. Dit is het vermogen om een idee te vormen van het perspectief van een ander.<\/p><p><br><\/p><p><strong>Robot gedachtes en drijfveren<\/strong><\/p><p>De robot is toegerust met \u2018gedachtes\u2019. Een gedachte is een reflectie op de kennis en informatie die de robot op dat moment heeft. Iedere keer als er nieuwe informatie binnenkomt gaat de robot na of dit leidt tot onzekerheid, conflicten of aanleiding geeft tot vragen om aanvullende informatie. Vertel je dat je vroeger een hond had, dan kan de robot vragen wat een hond is. Als je verteld hebt dat een hond een huisdier is kan de robot vragen of je ook een kat hebt gehad, omdat katten ook huisdieren zijn. Hoort de robot onzekerheid in je stem of taalgebruik, dan kan ze vragen of je het zeker weet, of aan anderen vragen of ze het met je eens zijn. Dit geldt ook als anderen het oneens zijn of als er beweringen worden gedaan die niet beide waar kunnen zijn. Indirect kan de robot zo leren of iemand te vertrouwen is. Ze kan dan besluiten om mensen die ze vertrouwt te benaderen om aanvullende informatie of bevestiging te krijgen (bijvoorbeeld wanneer medicatie moet worden ingenomen en welke). Overigens kan de robot ook onzeker zijn over haar eigen waarnemingen. De robot kan zien hoe zeker ze is als ze zaken ziet of hoort doordat de herkenningssoftware <em>machine-learning<\/em> gebruikt. Bij onzekerheid kan ze om bevestiging vragen en kun je haar corrigeren als ze het fout heeft. Van die fouten kan ze leren voor de volgende keer dat ze in een vergelijkbare situatie komt.<\/p><p><br><\/p><p>We noemen reflecties op de staat van het brein \u2018gedachtes\u2019 en de motivatie om daar wat aan te doen \u2018drijfveren\u2019. Door die gedachtes en drijfveren verloopt de communicatie spontaner en is er initiatief van de robot en niet alleen van de mensen om haar heen.<\/p><p><br><\/p><p><strong>Sociale functies<\/strong><\/p><p><br><\/p><p>Naast drijfveren om het brein van de computer te verbeteren (onzekerheid, conflicten, gaten) kunnen er andere sociale functies worden ingebouwd. Op dit moment wordt gewerkt aan scenario\u2019s waarin de robot alles wil weten over je familie, vrienden, en het verleden. Verder geeft de robot nu altijd antwoord op vragen, hoe vaak ze ook worden gesteld. In aanvulling op deze vooral communicatieve functies, denken we ook aan functies die lichamelijke staat van mensen monitoren (hoeveel beweegt iemand, hartslag, ademhaling, temperatuur); maar ook hoe sociaal actief iemand is (hoeveel gesprekken gevoerd in de afgelopen tijd). Zo kan de robot iemand stimuleren door middel van lichamelijke en hersengymnastiek en iemand sociaal actief houden door de sociale omgeving in de gaten te houden, bijvoorbeeld dat je kleindochter haar zwemdiploma heeft gehaald en je haar moet feliciteren op Instagram. In zoverre de robot risicosituaties kan inschatten kan ze ook om hulp en advies vragen bij derden. En tenslotte kan ze onderhoudend zijn door te praten over vroeger (met beelden), grapjes te maken, of te praten over wat er gaat gebeuren.<\/p><p><br><\/p><p>Dit zijn slechts enkele voorbeelden van wat een dergelijke robot zou kunnen. In al die gevallen geldt echter dat de basis een goed ontwerp moet zijn waarin uitgegaan wordt van een feilbare robot te midden van feilbare mensen waarbij communicatie gebruikt moet worden om fouten te repareren en om sociale functies goed te laten verlopen.<\/p>","columns":"0","style":null}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p><img src=\"https:\/\/i.imgur.com\/JzTTS3D.jpg\" style=\"height:130px;float:right\"><\/p><p><strong>Piek Vossen<\/strong> is hoogleraar Computational Lexicology aan de Vrije Universiteit van Amsterdam en hoofd van het Computational Lexicology &amp; Terminology Lab (CLTL). Daarnaast is hij mede-oprichter en eigenaar van de Global WordNet Assocation (GWA).<\/p>","columns":"0","style":{"background":["background: rgb(65,127,171);","background: rgba(65,127,171,1);"],"paragraph":["color: rgb(255,255,255);","color: rgba(255,255,255,1);"]}}]}]}}