{"id":770378,"magazine_id":74257,"template_id":30,"title":"Van draaglast naar draagkracht","alias":"van-draaglast-naar-draagkracht","page_no":10,"meta_keywords":null,"meta_description":null,"share_url":null,"options":{"has_disabled_header":false,"exclude_from_navigationbar":false,"share_url":null},"header":null,"content":{"background":{"filename":"ral7035_licht_grijs.34fcc669843c.jpg","uri":"\/images\/ral7035_licht_grijs.34fcc669843c.jpg","alt":null,"filemime":"image\/jpeg","filesize":49972,"width":1772,"height":1772},"nav_type":"bars","rows":[{"row_type":1,"text_image":[{"title":null,"subtitle":"Van draaglast naar draagkracht","description":"<p>Soms verleen je zorg door juist geen zorg te verlenen. Helaas is dit moeilijk uit te leggen aan inwoners en aan zorgaanbieders. Toch doet de gemeente Loon op Zand een beroep op haar inwoners om meer draagkracht te tonen. De gemeente wil burgers stimuleren om meer inzicht te krijgen in hun eigen draagkracht en gebruik te maken van het eigen netwerk. Hoe pak je dat aan? Een gesprek met wethouder Wil Ligtenberg en manager Rian Marijnissen.<\/p><p><br><\/p><p><em>Interview door: Judith Nuijens &amp; L\u00e9onhard Weijmar Schultz<\/em><\/p><p><em>Leestijd: 8 minuten<\/em><\/p>","image":{"filename":"photo-1532461844054-cee312ab1ce2.4591b8156b67.jpg","uri":"\/images\/photo-1532461844054-cee312ab1ce2.4591b8156b67.jpg","alt":null,"filemime":"image\/jpeg","filesize":260117,"width":1399,"height":876},"content_position":"0","style":{"background_title":["background: rgb(65,127,171);","background: rgba(65,127,171,1);"],"title":["color: rgb(255,255,255);","color: rgba(255,255,255,1);","font-size: 15px;"],"subtitle":["color: rgb(65,127,171);","color: rgba(65,127,171,1);","font-size: 30px;","font-family: 'Times New Roman', Times; font-weight: normal;"]}}]},{"row_type":5,"custom_advanced":[{"block_type":0,"title":null,"description":"<p><em><strong>Hoe hebben jullie de toegang tot zorg en ondersteuning ingericht?<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Wil Ligtenberg:<\/em> Wij hebben \u00e9\u00e9n loket: servicepunt welzijn, wonen en zorg. De naam van het loket sluit aan bij onze filosofie, en de volgorde ervan is bewust gekozen - als je in de wijk eerst de welzijnsaspecten goed aanpakt, wordt zorg pas op een later moment noodzakelijk.<\/p>","image":null,"youtube":null,"columns":"2","style":null},{"block_type":0,"title":null,"description":"<p><img src=\"https:\/\/i.imgur.com\/K3g8WEs.jpg\" style=\"height:70px;float:right\"><\/p><p><strong>Wil Ligtenberg<\/strong> is wethouder welzijn, sociale zaken en onderwijs bij de gemeente Loon op Zand.<\/p><p><br><\/p><p><br><\/p><p><img src=\"https:\/\/i.imgur.com\/FdxWl2A.jpg\" style=\"height:70px;float:right\"><\/p><p><strong>Rian Marijnissen<\/strong> is afdelingshoofd van het Servicepunt Welzijn, Wonen en Zorg bij de gemeente Loon op Zand.<\/p>","image":null,"youtube":null,"columns":"2","style":{"background":["background: rgb(65,127,171);","background: rgba(65,127,171,1);"],"title":["line-height: 12px;"],"paragraph":["color: rgb(255,255,255);","color: rgba(255,255,255,1);"]}}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p><em>Rian Marijnissen:<\/em> We geloven heel erg in een integrale benadering in combinatie met hoogwaardige, inhoudelijke expertise in het voortraject. We gaan uit van een generalistische benadering, in combinatie met specialistische expertise. In ons loket tref je dan ook geen medewerkers zonder inhoudelijke kennis van de problematiek. Wij hebben ervoor gekozen uitsluitend professionals aan te nemen. We kunnen daardoor met kennis van de problematiek een gesprek aangaan, waarbij we ons laten leiden door de zorgvrager zelf en diens netwerk. We bepalen niets voor ze, maar proberen ze vooral te stimuleren inzicht te krijgen in hun eigen draagkracht en hun krachten te benutten. En daar waar nodig zijn we een vangnet.<\/p><p><br><\/p><p><em><strong>Wat verstaan jullie onder draagkracht?<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Ligtenberg:<\/em> Met draagkracht denk ik aan datgene wat mensen aankunnen. Soms gaat dat over individuen, zoals bij zorgsituaties, en soms gaat dat over organisaties die een rol spelen in een wijk of in een gemeente. Draagkracht is een belangrijk aspect voor een robuuste, zorgzame samenleving.<\/p><p>Maar op het moment dat je zegt mensen in de samenleving moeten verantwoordelijkheid dragen voor elkaar, mensen moeten iets voor elkaar willen doen, dan moet je het niet zo organiseren dat het lijkt alsof de verantwoordelijkheid over de schutting wordt gegooid. We merken dat het best moeilijk is om de goede inschatting te maken: wat is de draagkracht van het sociale netwerk in objectieve zin en in subjectieve zin.<\/p><p><br><\/p><p><em><strong>Kunt u dat toelichten?<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Ligtenberg:<\/em> Met objectieve draagkracht denk ik aan dat wat iedereen die in huis rondloopt in theorie wel of niet bij kan dragen. Het is best moeilijk om daar een goeie inschatting van te maken. In geval van een handicap bijvoorbeeld: soms wordt de hulp die wordt gevraagd gezien als compensatie voor het feit dat iemand een handicap heeft. Als omgeving kun je de handicap accepteren, of de persoon uit medelijden ontzien; dat is een verkeerde manier van compenseren. Als een handicap wordt vertaald naar de problematiek van een persoon, dan komen we niet tot het punt van accepteren wat wel of niet kan. Door iemand in zo\u2019n situatie niet te stimuleren te doen was hij of zij zou kunnen doen, ontstaat een vraag naar hulp. Dus het beantwoorden van de hulpvraag kan wel eens averechts werken. Het is soms best moeilijk om een goed evenwicht te vinden in draagkracht die er al is, deze op een goede manier toe te passen en de gemaakte keuzes in een politieke context te verantwoorden.&nbsp;<\/p><p>Het kan zomaar zijn dat iemand vanuit de politiek roept dat het heel erg is wat iemand is overkomen en vervolgens vraagt waarom de gevraagde hulp niet wordt geboden. Het is soms moeilijk om in zo\u2019n situatie aan een raadslid uit te leggen dat er wel degelijk zorg wordt geboden, maar juist niet de zorg die is gevraagd.<\/p><p><em>Ligtenberg:&nbsp;<\/em>Tot de komst van de Wmo 2015 waren zorgvragers gewend om te krijgen wat ze vroegen. Nu heeft een zorgvrager ineens ook zelf een stuk verantwoordelijkheid. Vroeger kreeg je bijvoorbeeld gewoon vier uur hulp bij het huishouden; nu wordt eerst gekeken of in de omgeving van een zorgvrager iemand is die mee kan helpen.<\/p><p><br><\/p><p><em>Marijnissen:<\/em> Soms is geen zorg bieden juist het bieden van zorg. En soms stimuleer je eigen kracht door geen zorg te geven. Om dit goed in te kunnen schatten heb je professionals nodig.<\/p><p><br><\/p><p><em><strong>Welke kaders stellen jullie voor professionals in de toegang om aan te sluiten bij draagkracht?<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Marijnissen:<\/em> We hebben natuurlijk een verordening en beleidsregels. Maar wij vinden het vooral heel belangrijk dat onze medewerkers op basis van vertrouwen, expertise en ondersteuning samen met de aanvrager en zijn netwerk bepalen welke verantwoordelijkheden je bij het netwerk kan neerleggen, waar het netwerk dat aankan. Wij hebben medewerkers in huis die de vraag achter de vraag goed aanvoelen en een gesprek bij kunnen sturen of over kunnen nemen, maar ook goed in kunnen schatten welke verantwoordelijkheid en draagkracht het netwerk zelf aankan. Het gaat lang niet altijd om inhoudelijke, kwalitatieve kennis. In dit geval is het vooral een goede vraagverheldering die van belang is.<\/p>","columns":"0","style":null}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p style=\"text-align: center;\"><em><strong>\u201cSoms is geen zorg bieden juist het bieden van zorg\u201d<\/strong><\/em><\/p>","columns":"0","style":{"paragraph":["font-size: 20px;","color: rgb(76,117,147);","color: rgba(76,117,147,1);"]}}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p><em><strong>Hoe kunnen professionals de aanpak die zij (n.a.v. het vraagverhelderingsgesprek) hebben geformuleerd laten aansluiten bij de draagkracht van de burger?<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Marijnissen:<\/em> Dat is een zoektocht; de professionals moeten aanvoelen hoeveel draagkracht er is en bewoners moeten zelf ook een idee hebben van hun draagkracht. Dus dat vergt in sommige gevallen ook een voortdurend bijstellen. Bij sommige problematiek doen wij aan casemanagement, met na een aantal weken een evaluatiemoment. In andere gevallen, bijvoorbeeld wanneer bewoners zelf met een plan komen en aangeven dit zelf te kunnen dragen\/uitvoeren is onze rol bescheiden en gaan we uit van de draagkracht die het systeem zelf aangeeft te hebben. Soms klopt dit en soms zitten we ernaast.<\/p><p><em><strong><br><\/strong><\/em><\/p><p><em><strong>In hoeverre kan een burger zijn eigen draagkracht inschatten?<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Marijnissen:<\/em> Sommigen kunnen dat heel goed. Die hebben zelf voldoende draagkracht of hebben of cre\u00ebren zelf een netwerk om zich heen dat kan ondersteunen. Er zijn ook mensen die het niet georganiseerd krijgen, wat wellicht ook de oorzaak van de ontstane problematiek is. Het verhelderen en aanvoelen van deze draagkracht is juist onderdeel van ons vak. Problematiek kan exact hetzelfde lijken, maar door de andere context waarin de problematiek zich afspeelt (netwerk, financi\u00eble situatie, draagkracht van de omgeving e.d.) kan er voor een geheel andere oplossing moeten worden gekozen.<\/p><p><br><\/p><p><em><strong>De ondersteuning en zorg wordt geleverd door zorgaanbieders. Hoe neem je aanbieders mee in de aanpak die gericht is op het versterken van draagkracht?&nbsp;<\/strong><\/em><\/p><p>&nbsp;<\/p><p><em>Marijnissen:<\/em> We zijn met zorgleveranciers in gesprek over hoe we goede ondersteuning, met de nadruk op eigen kracht van de inwoner, vorm kunnen geven. En als het een inwoner even niet op eigen kracht lukt, dat er dan toch een achterban is om in te springen. Het is nog een hele klus om alle neuzen dezelfde kant op te krijgen. Ik denk dat we heel wat jaren verder zijn voordat alle zorgaanbieders, hun medewerkers, onze medewerkers en zorgvragers op dezelfde lijn zitten. Dat is een transformatieproces dat tijd nodig heeft. Op cli\u00ebntniveau probeer je de versterking van de eigen kracht bespreekbaar te maken tijdens het gezamenlijk opstellen; tussentijds door zowel met de zorgprofessional als de bewoner om de tafel zitten en te bespreken hoe het plan van de aanpak verloopt en hoe het plan naar de praktijk wordt vertaald. In sommige gevallen doe je dit heel vaak, in andere gevallen kan de cli\u00ebnt (en zijn netwerk) dit prima zelf. Dan bemoeien we ons er niet al te veel mee.<\/p><p><br><\/p><p><em>Ligtenberg: <\/em>Het is een lang proces om van een verzorgingsstaatmodel naar een participatiestaatmodel over te stappen. We zien bij de inkoop van jeugdhulp, waarbij arrangementen in beeld zijn, dat haast de neiging ontstaat om ieder arrangement op te schalen, waardoor zwaarder op zorg wordt ingestoken dan nodig is. Dit gebeurt met name bij zorgaanbieders. Waarom? Omdat de gewenste resultaten anders niet worden behaald. Een te hoog tempo van de transitie is hier in mijn optiek de oorzaak van: het is een leerproces, maar er moesten al wel resultaten worden behaald. Vooraf moeten hier afspraken over worden gemaakt. Dat was een leermoment.<\/p><p><br><\/p><p><em>Marijnissen:<\/em> Er zijn aanbieders die ontzettend voorop lopen en waar wij weer heel veel van kunnen leren. Die zijn al veel verder in het proces van vernieuwing dan wij. Zo\u2019n transformatie moet door een hele organisatie worden gedragen; krijg een hele keten maar eens mee. Het heeft wat weg van de transformatieslag jaren geleden, waar verplegers opeens moeten leren te verplegen met hun handen op de rug. Terwijl ze ervan overtuigd waren dat hun oude werkwijze, namelijk zoveel mogelijk taken uit handen nemen, in het beste belang van de pati\u00ebnt was. Er was dan ook niet voor niets een hoop weerstand van verplegers die van mening waren dat de nieuwe werkwijze niet de oplossing was. Ik denk dat het goed zou zijn om vaker nee te verkopen, juist in het belang van onze zorgvragers. Daarvoor moeten onze mensen sterk in de schoenen staan. Dat vraagt best veel van ze.<\/p><p><br><\/p><p><em>Ligtenberg:<\/em> Als voorbeeld. Ik was ooit aanwezig bij een bijeenkomst van een verzorgingshuis vanwege de afschaffing van het koffierondje. Het koffierondje werd afgeschaft omdat mensen zelf prima koffie konden schenken; bewoners vonden het alleen wel aardig dat iedere dag iemand koffie kwam brengen. Toen bleek echter dat de verzorger die normaliter de koffie rondbracht, het koffierondje ook gebruikte om te controleren of het met iedereen wel goed ging. Waarop een van de bewoners aangaf het fijn te vinden dat zij vanwege het koffierondje niet meer in de gaten hoefde te houden of het gordijn bij de overbuurvrouw iedere dag wel open werd gedaan. Plots ging het over verantwoordelijkheid hebben voor elkaar. Het koffierondje had dus als effect dat mensen niet meer naar elkaar omkeken, want dat deden de verplegers al tijdens het rondbrengen van de koffie. Terwijl je als bewoner van zo\u2019n verzorgingshuis ook gewoon voor elkaar verantwoordelijk bent. Wat moest gaan om het rondbrengen van koffie, werd uiteindelijk een zorgverhaal en niemand die er eerder bij stilstond of de bewoners van het complex dat zelf ook zouden kunnen. Iets wat gekoesterd werd als iets geweldigs in de zorg, het koffierondje, bleek achteraf ook negatieve effecten te hebben. Maar nadat dit ter sprake was gekomen, werd de afschaffing van het koffierondje al gauw geaccepteerd. Als bewoners koffie willen drinken, kunnen ze naar het restaurant komen. Daar kunnen ze elkaar ook nog eens ontmoeten. Koffie drinken met elkaar is beter dan eenzaam in je woning zitten. Het bestrijden van eenzaamheid is ook een doel en dat moet benoemd worden. Anders lijkt het er wellicht op dat we enkel zaken afschaffen vanwege bezuinigingen.<\/p><p><br><\/p><p><em><strong>Jullie streven naar meer draagkracht en stimuleren burgers om meer inzicht te krijgen in hun draagkracht en daarnaar te handelen. Hoe kijken jullie in dat opzicht aan tegen het rapport van de WRR \u2018Weten is nog geen doen\u2019, waarin wordt gesteld dat er een verschil is tussen wat van burgers wordt verwacht en wat ze aankunnen?<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Marijnissen:<\/em> We vragen natuurlijk wel iets van onze samenleving. Ik geloof in de transformatie naar participatiestaatmodel. Ik denk dat we in de periode van het verzorgingsstaatmodel doorgeschoten zijn en daarmee een eisende en soms verwende samenleving hebben gecre\u00eberd. Tegelijkertijd doet de huidige samenleving op een heel andere manier een app\u00e8l op de individuele burger dan voorheen, toen de gemeenschappen nog kleiner, onze werkzame leven korter was, de taakverdeling tussen man en vrouw traditioneler en de keuzes nog overzichtelijker waren. Er komt daarmee meer druk op vrijwilligers en mantelzorgers en de beschikbaarheid is kleiner. Wij hebben daarom in Loon op Zand, in de nieuwe aanbesteding Wmo, een heel lichte vorm van betaalde ondersteuning opgenomen. We merken dat het niet altijd lukt om mantelzorg of vrijwilligers in te schakelen, maar hopen dat dit in de toekomst wel het geval zal zijn.<\/p>","columns":"0","style":null}]}]}}