{"id":754542,"magazine_id":74257,"template_id":30,"title":"Proeftuin Ruwaard: de wijkbewoner centraal","alias":"proeftuin-ruwaard-de-wijkbewoner-centraal","page_no":5,"meta_keywords":null,"meta_description":null,"share_url":null,"options":{"has_disabled_header":false,"exclude_from_navigationbar":false,"share_url":null},"header":null,"content":{"background":{"filename":"achtergrond_mag2.8bfd59d568ef.png","uri":"\/images\/achtergrond_mag2.8bfd59d568ef.png","alt":null,"filemime":"image\/png","filesize":4070,"width":800,"height":874},"nav_type":"bars","rows":[{"row_type":1,"text_image":[{"title":null,"subtitle":"Proeftuin Ruwaard: de wijkbewoner centraal","description":"<p>In Ruwaard staat de vraag van de wijkbewoner centraal, en niet het aanbod van instanties. In de wijk, onderdeel van de gemeente Oss, wordt sinds 2013 ge\u00ebxperimenteerd met nieuwe manieren van samenwerken, organiseren en financieren. Met de gedachte \u2018Ik wil, ik kan en ik heb nodig\u2019 worden bewoners, professionals en bestuurders van Ruwaard gestimuleerd om betere en passende oplossingen te bedenken, waarbij ze hun eigen kennis en kunde beter benutten en meer met en voor elkaar doen. Maar wat betekent dit concreet voor ze? En hoe zit het met de rol van de professional in de wijk?&nbsp;<\/p><p><br><\/p><p><em>Interview door: Judith Nuijens &amp; L\u00e9onhard Weijmar Schultz<br>Gemiddelde leestijd: 10 minuten<\/em><\/p>","image":{"filename":"old-stove-896285_1280.d978c7dbc164.jpg","uri":"\/images\/old-stove-896285_1280.d978c7dbc164.jpg","alt":null,"filemime":"image\/jpeg","filesize":471907,"width":1280,"height":865},"content_position":"0","style":{"title":["color: rgb(255,255,255);","color: rgba(255,255,255,1);","font-size: 15px;"],"subtitle":["font-family: 'Times New Roman', Times; font-weight: normal;","color: rgb(65,127,171);","color: rgba(65,127,171,1);","font-size: 30px;"]}}]},{"row_type":5,"custom_advanced":[{"block_type":0,"title":null,"description":"<p><strong><em>Hoe is de proeftuin tot stand gekomen?&nbsp;<\/em><\/strong><\/p><p><br><\/p><p><em>Vanessa Duterloo:<\/em> In 2013 was de toenmalige wethouder Hendrik Hoeksema in gesprek met een bestuurder van een grote zorgaanbieder.<\/p>","image":null,"youtube":null,"columns":"2","style":null},{"block_type":0,"title":null,"description":"<p><img src=\"https:\/\/i.imgur.com\/NWMQZNu.jpg\" style=\"height:90px;float:right\"><\/p><p><strong>Vanessa Duterloo<\/strong> is beleidsadviseur Sociaal Domein bij de gemeente Oss en gemeentelijk projectleider van de Proeftuin Ruwaard.&nbsp;<\/p>","image":null,"youtube":null,"columns":"2","style":{"background":["background: rgb(65,127,171);","background: rgba(65,127,171,1);"],"paragraph":["color: rgb(255,255,255);","color: rgba(255,255,255,1);"]}}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p>Ze bleken het erover eens dat het huidige zorgstelsel onhoudbaar is: er wordt veel tijd en geld besteed aan administratie en controle. En we lijken de mensen niet echt te helpen; vaak komt hulp pas als er al grote problemen zijn. En vervolgens zijn meerdere professionals met kleine stukjes van de oplossing bezig. Op deze werkwijze zit vanuit allerlei soorten financiers bovendien enorm veel controledrift.&nbsp;<\/p><p><br><\/p><p>Hoeksema maakte zich ook zorgen over het gebrek aan ruimte voor bewoners die zelf iets willen doen. Het stelsel en de manier waarop we met zorg- en ondersteuningsvragen omgaan, reduceert &nbsp;mensen tot cli\u00ebnt, terwijl Hoeksema in de wijk toen al allerlei initiatieven zag die iets voor de wijk zouden kunnen betekenen. Het voorkomen van eenzaamheid bijvoorbeeld. Hun antwoord op deze ineffectieve aanpak: we brengen alle financi\u00eble middelen die er zijn voor wonen, werken, wijk, zorg, welzijn en ondersteuning in een gebied bij elkaar. De budgetten zijn dan ontschot en de besteding ervan gebeurt zoals de inwoners en professionals het belangrijk of nodig vinden. Die gedachte is de basis voor het experiment \u2018proeftuin Ruwaard\u2019. Het heeft lang geduurd voor we van deze conceptionele gedachte kwamen tot een echte aanpak. We hebben namelijk veel met elkaar gesproken over hoe dat er dan uit zou kunnen zien, wat daarvan voor iedereen de consequenties zouden zijn en wat de impact zou zijn op het geheel. Op een zeker moment bracht het denken en praten ons niet meer verder. Om het idee concreter te maken hebben we eind 2015 besloten om met casu\u00efstiek aan de slag te gaan, en te doen alsof die ene pot met geld in de Ruwaard er al was. Toen begon het experiment pas echt.<\/p><p><br><\/p><p><strong><em>Waarom hebben jullie gekozen voor Ruwaard?<\/em><\/strong><\/p><p><br><\/p><p><em>Duterloo:<\/em> Ruwaard is met zo'n 13.000 inwoners de grootste wijk van Oss. Het is een gem\u00ealeerde wijk, ontstaan in de jaren 70, met zowel \u2018stadse\u2019 problematiek als voldoende draagkracht voor een experiment als de proeftuin. In Ruwaard woont een relatief grote groep mensen die al langer geen werk heeft. Mensen met schulden of verslavingsproblemen, mensen met chronische aandoeningen, ouderdomsklachten. Maar gelukkig is er ook voldoende cement om mee te bouwen; denk aan verenigingen en clubjes, daar is in Ruwaard door de bewoners samen met de welzijnsorganisatie, de gemeente Oss en de woningbouwcorporatie het afgelopen anderhalf decennium best veel in ge\u00efnvesteerd.<\/p><p><br><\/p><p><strong><em>Wat is \u2018proeftuin Ruwaard\u2019?<\/em><\/strong><\/p><p><br><\/p><p><em>Duterloo:<\/em> Proeftuin Ruwaard is een wijkgerichte aanpak waarin we de inwoners centraal stellen. Samen met organisaties werken we aan een leefbare, vitale wijk, door te experimenteren met andere manieren van samenwerken, organiseren en financieren. In 2018 is gestart met ontschot financieren; naar aanleiding van de hoopvolle resultaten van de casusaanpak besloten college en gemeenteraad om de Wmo-middelen in de vorm van een subsidie uit te betalen en niet meer per zorgvorm\/cli\u00ebnt\/maand. De deelnemende organisaties leggen hun subsidiebudgetten bij elkaar in een \u2018virtuele pot\u2019. Het is hun gezamenlijk budget geworden dat ze besteden aan hun gezamenlijke opdracht: inwoners centraal, een vitale wijk en een integrale en meer collectieve aanpak.<\/p><p><br><\/p><p>Mensen wonen langer thuis en dus neemt de vraag naar zorg uit de Wmo toe. Met deze nieuwe manier van werken en organiseren besparen we geld. We kunnen van hetzelfde budget dus meer mensen helpen. Aanvankelijk dachten we dat we daadwerkelijk geld zouden overhouden, maar dat zien we nu niet.<\/p><p><br><\/p><p>Over het wijkbudget zijn duidelijke afspraken gemaakt; dit is het budget en dat wordt niet later aangevuld \u2013 tenzij sprake is van een autonome ontwikkeling. De organisaties zijn samen verantwoordelijk voor goede besteding en dragen samen het risico van overbesteding.<\/p><p>&nbsp;&nbsp;<\/p><p>Het financi\u00eble aspect is sinds 2018 onderdeel van de proeftuin. We zien dat veel organisaties nog een beheercyclus hebben die is gebaseerd op het aantal uren dat een werknemer bij de klant is. Wij betalen de organisaties niet meer zo uit, maar zij registreren nog wel op die manier. Zij geven hun medewerkers wel de ruimte om anders te denken, werken en doen, maar de systemen zijn er nog niet op ingericht. Daar zijn we nu over in gesprek met elkaar.<\/p><p><br><\/p><p>De deelnemende organisaties van Proeftuin Ruwaard vormen geen entiteit of stichting. Het is tot nu toe een intensieve samenwerking om samen iets uit te proberen. Elke deelnemer draagt ieder jaar een stukje bij aan het projectbudget.<\/p><p>&nbsp;<\/p><p><strong><em>Op de website van Ruwaard wordt de visie van de proeftuin als volgt omschreven: 'Ruwaard is een vitale wijk waar wijkbewoners tegen lagere kosten een betere, positieve gezondheid ervaren.'<\/em><\/strong><\/p><p><br><\/p><p><em>Duterloo:<\/em> We willen dat mensen mee kunnen doen, zo gezond mogelijk zijn en dat middelen effectief worden besteed. Hiervoor hebben wij de DIN (zie afbeelding) opgesteld: heel het programma op \u00e9\u00e9n A4. We gebruiken de DIN (Doelen, Inspanningen, Netwerk) om de grote lijn aan te houden, af te wegen wat we wel en niet doen, en om acties en projecten in beeld te houden. De vraag is steeds: helpt het effect van deze interventie ons om dichterbij de gewenste situatie te komen?<\/p><p><img src=\"https:\/\/i.imgur.com\/fYgkXlh.png\" style=\"height:650px;float:centre\"><\/p><p style=\"font-size: 7pt;\"><em>Afbeelding:<\/em> DIN-Ruwaard. bron: Proeftuinruwaard.nl<\/p><p><br><\/p><p><em><strong>Wat is een vitale wijk?&nbsp;<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Duterloo:<\/em> Dat is natuurlijk een lastige vraag om te beantwoorden. Een vitale wijk is, in mijn eigen woorden, een wijk waar genoeg gebeurt, waar iedereen wordt gezien en waar mensen zich goed voelen. Waar gezondheid een onderwerp is van gesprek en de openbare ruimte meehelpt in gezond blijven. Vitaliteit gaat er om dat er een levenslust en zingeving is, en een soort van veerkracht. Dat je wel tegen een stootje kunt, dat zit ook in het begrip vitaal.&nbsp;<\/p><p><br><\/p><p>Belangrijk in de visie van positieve gezondheid is dat \u2018vitaal zijn\u2019 voor iedereen iets anders inhoudt. De een voelt zich pas vitaal bij zes uur per week sporten en de ander is al blij als hij of zij een paar uur per dag buiten de slaapkamer is geweest. Het sluit aan bij wat die persoon wil, kan en belangrijk vindt.&nbsp;<\/p><p><br><\/p><p><em><strong>Kun je wat vertellen over de aanpak van de proeftuin?<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Duterloo:<\/em> De samenwerkwijze is de naam van de methode die bewoners en professionals in de wijk hebben ontwikkeld en gebruiken. De drie centrale vragen leiden elk gesprek of initiatief. \u2018Wat wil ik, wat kan ik en wat heb ik nodig?\u2019 Als je uitgaat van wat iemand zelf bestempelt als het meest urgent of het meest belangrijk, dan zie je dat bij deze mensen een gevoel ontstaat dat echt naar hun situatie wordt gekeken. De aanpak bestaat uit individuele casussen en collectieve casussen. Waar het kan, proberen we van individuele casussen collectieve casussen te maken. Als je mensen met een gelijksoortige vraag op een gezamenlijke manier en op hetzelfde moment kunt helpen, breng je ze met elkaar in contact en bespaar je tijd.<\/p><p><br><\/p><p>Een onderwerp, groep of initiatief dat op schaalgrootte van de wijk speelt en dat voor meerdere mensen een antwoord vraagt of biedt noemen we ook een collectieve casus. Neem als voorbeeld het net te grote verschil tussen beschermd wonen en zelfstandig wonen \u2013professionals zien dat er een aantal tussenvormen nodig is. Als we dat ontwikkelen kunnen we ineens een groep mensen beter helpen.<\/p><p><br><\/p>","columns":"0","style":null}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p style=\"text-align: center;\"><em><strong>\u201cDrie centrale vragen leiden elk gesprek of initiatief: wat wil ik, wat kan ik en wat heb ik nodig?\u201d<\/strong><\/em><\/p>","columns":"0","style":{"paragraph":["color: rgb(76,117,147);","color: rgba(76,117,147,1);","font-size: 20px;"]}}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p><em><strong>Wat betekent die aanpak nu voor het individu? Dus echt voor de wijkbewoner?&nbsp;<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Duterloo:<\/em> Een voorbeeld. Een rommelige voortuin trekt de aandacht van de woningbouwvereniging. Reden genoeg om even aan te bellen. De woningbouwvereniging, deelnemer aan de proeftuin, kiest er niet voor te starten met een aanwijzing aan de huurder om de voortuin op te ruimen, maar gaat met de man in gesprek. Over hoe hij woont en hoe het met hem gaat. En hoe hij het vindt dat zijn huis zo vol staat met spullen dat hij er niet meer goed kan lopen. De man blijkt sinds het overlijden van zijn dochter niets meer weg te hebben gegooid. Dat geeft hem een gevoel van zekerheid. Bang voor ongewenste hulp en \u2018mannen in witte pakken\u2019 leeft de man erg op zichzelf. De woningbouwvereniging stelt de man gerust dat zij niets zullen doen wat de man niet wil, en nodigt hem uit om de opening van het huis van de wijk bij te wonen. Dat vindt de man spannend, maar hij gaat toch. Daar wordt hem gevraagd of hij het leuk zou vinden om mee te werken aan het huis van de wijk. De man wil wel ramen lappen, want daar is hij goed in. En fietsen maken. Inmiddels is hij de vaste ramenlapper en fietsenmaker van het huis van de wijk. We zijn natuurlijk ook verder gaan praten over de woonsituatie. Zo hebben we hem verteld over de kringloopbus die wekelijks door de wijk rijdt. Met zijn goedkeuring hebben we de kringloop gevraagd eens bij de man langs te gaan en een kop koffie te drinken, misschien dat hij nog iets voor ze zou hebben. Dat zijn ze wekelijks gaan doen. Drie maanden later was het huis opgeruimd. En in het huis van de wijk sprak de man met anderen over het verlies van zijn dochter, wat dit voor hem betekende. Er is sindsdien echt wat veranderd in zijn leven. Hij zei zelf letterlijk: \u201cIk heb weer uitzicht.\u201d<\/p><p><br><\/p><p>Ik kan me voorstellen dat voorheen de GGD op het adres zou zijn afgestuurd. Een ambulante behandeling door de GGZ bijvoorbeeld. En alle papierwerk zou worden doorgelicht. We willen mensen helpen en komen met grof geschut, maar je ziet dat dat mensen helemaal niet per se gelukkiger maakt, of actiever. Het maakt ze vaak zelfs passiever door het gevoel dat alles ze uit handen wordt genomen.&nbsp;<\/p><p><br><\/p><p><em><strong>Met \u2018ik wil, ik kan en ik heb nodig\u2019 ga je ervan uit dat de bewoner expert is van zijn eigen problemen. &nbsp;<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Duterloo:<\/em> Dat is wel het uitgangspunt. Maar dat wil niet zeggen dat je daar niets aan toe kan voegen. Het kan best zijn dat een bewoner niet weet wat er mogelijk is, of wat een goede aanpak is, of niet weet wat het beste voor hem zou zijn. Dan voer je meerdere gesprekken totdat duidelijk is welke oplossing het beste is. Het kan ook zijn dat de \u2018ik wil\u2019 totaal onrealistisch is. Toch is het belangrijk daar goed naar te luisteren en door te vragen. Er zit dan vaak een gedachte achter waar je als professional alsnog iets mee kunt. Zoals een zwembad op het dak van de flat. Dat gaan we natuurlijk niet doen. Maar waarom wil je een zwembad op het dak? Omdat er veel ruzie in de flat is en een zwembad op het dak ervoor kan zorgen dat bewoners samen iets gezelligs kunnen doen. &nbsp;<\/p><p><br><\/p><p><em><strong>Door deze nieuwe manier van werken krijgen professionals in de wijk een heel andere rol. Wat betekent dit concreet voor hen? &nbsp;<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Duterloo:<\/em> Vooropgesteld is de proeftuin mede gebaseerd op de wens van professionals om effectiever te kunnen zijn. Wat ik van hen hoor is dat zij veel meer het gevoel hebben van ruimte en eigenaarschap. Met ruimte bedoelen zij dat ze kunnen doen wat zij denken dat nodig is. Als de deur niet bij voorbaat dicht is door regels en (financi\u00eble) beperkingen, heb je als professional een veel groter palet aan mogelijkheden en oplossingen. Het vraagt meer creativiteit, wat voor de meesten leuk is. Voor sommigen ook lastig, omdat de kaders veel minder helder zijn. Wat mag ik wel en wat mag ik niet? Je gaat niet met een volledig dichtgetimmerde opdracht op pad, en dat kan mensen onrustig of onzeker maken. Je doet dingen die je eerder niet deed. Je kijkt anders naar je cli\u00ebnt. Je moet je eigen resultaten herdefini\u00ebren. Professionals kunnen twee keer in de week vrijwillig een leersessie bijwonen over de invulling van hun vernieuwde rol. We zien dat zij dit leuk vinden. Dan kunnen ze ervaringen uitwisselen, discussi\u00ebren over hoe om te gaan met vragen, leren hoe je een multidisciplinair overleg organiseert, enzovoort. &nbsp;<\/p><p><br><\/p><p><em><strong>De professionals krijgen ook meer verantwoordelijkheid, omdat zij bepalen waar de financi\u00eble middelen aan worden besteed.&nbsp;<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Duterloo:<\/em> We hebben de virtuele pot vanuit de ontschotte subsidies. Die financiert nu nog voornamelijk de bestaande fte\u2019s. Daarnaast hebben we een werkbudget aangelegd dat door de professional is aan te spreken op het moment dat dit nodig is, bijvoorbeeld om op heel korte termijn een specifieke oplossing te kunnen financieren. Professionals hebben hier inderdaad keuzes te maken. Wij gaan hun beslissingen niet beoordelen aan de hand van een commissie of iets dergelijks. Als de professional van mening is dat hij of zij het nodig heeft, dan is dat zo. &nbsp;<\/p>","columns":"0","style":null}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p style=\"text-align: center;\"><em><strong>\u201cOp het moment dat we de schaal vergroten moeten we oppassen dat er niet weer allerlei nieuwe knellende systemen en structuren ontstaan\u201d<\/strong><\/em><\/p>","columns":"0","style":{"paragraph":["color: rgb(76,117,147);","color: rgba(76,117,147,1);","font-size: 20px;"]}}]},{"row_type":4,"text":[{"title":null,"description":"<p><em><strong>Hoe ziet de toekomst van de proeftuin eruit?<\/strong><\/em><\/p><p>&nbsp;<\/p><p><em>Duterloo:<\/em> We zijn de proeftuin gestart met het idee dat als het goed werkt, dat het dan de nieuwe werkwijze wordt. De werkwijze wordt uitgebreid naar andere wijken. Daarnaast breiden we het aantal domeinen uit in Ruwaard. Het begon met welzijn, wonen en Wmo, maar we zetten ook stappen op het gebied van de Zorgverzekeringswet, Wet langdurige zorg en de Jeugdwet. Jeugdprofessionals werken in de praktijk al met de samenwerkwijze, maar het bestuurlijke proces is nu langzaam aan het starten.<\/p><p><br><\/p><p>We moeten wel oppassen dat er niet weer allerlei nieuwe knellende systemen en structuren ontstaan op het moment dat we de schaal vergroten. Dat is een risico voor de werkwijze. De behoefte aan afspraken en verschillende vormen van controle komt al gauw weer om de hoek kijken. Wat als iemand volledig de mist in gaat? Wie is waar ook alweer verantwoordelijk voor? Wie is nou eigenaar van wat? We komen er vast wel uit, maar we moeten deze zaken wel op een nieuwe manier bekijken en inrichten. Anders levert de inwoner en de professional weer ruimte en eigenaarschap in.<\/p><p><br><\/p><p><em><strong>In hoeverre is de proeftuin toepasbaar in andere gemeenten?<\/strong><\/em><\/p><p><br><\/p><p><em>Duterloo: <\/em>Ik vraag mij af in hoeverre wij straks keiharde uitspraken kunnen doen over hoe andere gemeenten te werk zouden moeten gaan. De blauwdruk is eigenlijk: doorloop een proces dat lang genoeg is voor iedereen om het concept, het wenkend perspectief en de impact te snappen. Vertaal het project naar jouw organisatie door te begrijpen wat in jouw gebied speelt: met welke partijen heb je te maken? Waar zit de kracht? Dit geldt ook voor ons als we willen verbreden naar andere wijken: Ruwaard heeft weer andere krachten dan Ussen of Schadewijk.<\/p>","columns":"0","style":null}]}]}}